Nostalgie

Gelaten liep ze een beetje door haar kamer.
Niet wetende wat ze zou gaan doen. Het weer was triest, regen en onweer en af en toe een zonnestraal.
Ze besloot lekker in haar hangstoel te gaan zitten met een boek en een warme beker chocolade melk. Het leek verdorie wel herfst of  bijna winter, terwijl het toch echt hartje zomer was.

Het was niets voor haar om zo bij de pakken neer te zitten, want ze was altijd het type, van doorgaan er is altijd wel een zonnestraal ergens, al zie je hem niet, hij is er wel.

Sinds haar makkertje, een ondeugende Westie, er niet meer was, had ze het doel om naar buiten te gaan een beetje verloren.

Met een warme beker in haar ene hand en in de andere haar boek, voelde ze zich lekker warm en ontspannen worden.

Ze begon langzaam te lezen, het was een boek over een gezin van vroeger, die de eindjes aan elkaar moest knopen. Een hard werkende vader zoals zovele en niet klagen want je mocht blij zijn als er werk was. En waar de moeder altijd voor veel kindertjes moest zorgen, maar dat deed met liefde voor kinderen en man.
Een tijd waar je nog klaar stond voor elkaar en elkaar hielp waar nodig was.

Ze kreeg tranen in haar ogen om te lezen hoe het vroeger was, Ze legde haar boek neer, deed verwoede pogingen om haar tranen in bedwang te houden en deed haar ogen dicht, soesde wat weg en begon over haar eigen jeugd te mijmeren.

Haar jeugd, ook met een hardwerkende vader en moeder, die werkte en voor de kinderen zorgde. Een vader die altijd klaar voor hen stond en een moeder die het altijd gezellig maakte binnen en buiten waar mogelijk was.
Ze had één broer en twee zussen die allemaal een eigen leven leidde en waar weinig contact mee was.

Misschien was dat ook zo gegroeid omdat ze zelf altijd alleen was gebleven, niet bewust maar gewoon omdat het zo was gegaan in haar leven.
Ze had wel verlangd naar een partner en kinderen, maar het was niet zo gegaan. Soms gaan dingen in het leven anders dan je had gehoopt.

Misschien was het dat, dat ze nu de eenzaamheid voelde en daarom een beetje verdrietig was.

Ze had het toch fijn gehad vroeger bij en met haar ouders en later toen ze werkte, maar iets heeft er altijd aan ontbroken een gezin en kinderen en nu dus ook kleinkinderen.

Ze mijmerde door. Over de vakanties die altijd leuk waren de dagen met verjaardagen en kerst en alle feestdagen.

Geprikkeld kwam ze weer tot haar zelf, he wat had ze toch, zo was ze nooit geweest, zo verdrietig over alles. Kwam waarschijnlijk dat ze nu niet meer werkte, haar tijd zat erop, zoals ze dat zo fijntjes vertelde op haar werk.
Haar makkertje had ze ook in moeten laten slapen, daarom was ze nu zo doelloos zo rusteloos.

Bah, ze werd er gewoon naar van, zo rusteloos als ze was. Ze legde het boek neer, pakte de krant en begon erin te bladeren.
Had  ze niet net iets gelezen wat haar wel aansprak, maar toch weer niet gedaan.
Ja, daar was het. Ze las het nog eens.
Resoluut liep ze naar de telefoon, mooi dat was geregeld, twee keer per week zou ze vanaf volgende week andere gaan helpen met boodschappen doen, spelletjes en wegwijs maken in alles wat hier voor andere de normaalste zaak was.

Ze keek naar buiten en begon te glimlachen kijk zei ze hardop tegen zichzelf daar buiten is de zon heel in de verte komt hij te voorschijn. En in mij is hij ook weer gekomen.
Ze liep terug naar haar stoel en las verder in haar boek.

© Mar klavier ( Patricia ) 2016